Nieuwe ontwikkelingen Roadmap Transponders
Geplaatst door webmaster op 22-01-2007 00:00
Over de Roadmap invoering Transponder heeft op donderdag 18 januari j.l een constructief overleg plaatsgevonden tussen afvaardiging ABZ / HB KNVvL met de directie van DGTL. Voor enige chronologie en resultaten van dit overleg zie bijgaande Nieuwsbrief KNVvL OPS.

Uitgebreid nieuws

Nieuwsbrief KNVvL OPS

Inleiding
Binnen het scala aan onderwerpen dat door de sectie Operations van de KNVvL wordt behandeld behoort het Transponderdossier tot een van de meest belangrijke en omvangrijke. In 1997 werden de eerste berichten ontvangen over een komende transponderverplichting in het gehele Nederlandse luchtruim boven de 1500’. Vanaf oktober 1999 is het huidige HB-lid OPS verantwoordelijk voor de voortgang van het dossier.

Terugblik
Op 18 december 1997 wordt met AIC-A 16/97 de maatregel tot het voeren van een transponder bekend gemaakt. In eerste instantie dienen per 1-1-’99 alle vliegtuigen onder VFR een mode A/C transponder te voeren, behalve in klasse G onder de 1500’. Vanaf 1-1-’03 is een level 2 mode S transponder verplicht voor nieuwe vliegtuigen en vanaf 1-1-2005 voor alle vliegtuigen. Op 11-2-’98 meld de KNVvL aan de LVB dat de KNVvL gemotiveerd tegen de voorgenomen verplichting is en verzoekt om overleg. Op 25-3-’98 verschijnt AIC-B 10/98 waarin nauwelijks wijzigingen zijn t.o.v. de eerste AIC.

Een technisch overleg vindt plaats op 17-3-’99 tussen RLD, KNVvL en LVNL n.a.v. het LVC-stafoverleg e.o.. Op 6-5-’99 verschijnt AIC-B 03/99. De invoering van 1-1-’99 is uitgesteld naar 1-1-’00 en er is vrijstelling mogelijk voor reeds A/C uitgeruste vliegtuigen tot 1-1-’08. Expliciet wordt aangegeven, dat dit ook geldt voor zweefvliegtuigen en ballonnen, tenzij er geen geschikte SSR-transponder beschikbaar is. Op 10-6-’99 reageert de KNVvL formeel op de AIC’s aan de DG RLD. Kern is nut en noodzaak en overleg over de zaak. Op 10-9-’99 verstrekt de KNVvL de specificaties voor een geschikte transponder aan de RLD. Zonder reactie valt het overleg stil.

AIC-B 24/00 van 14-12-’00 vervangt de vorige AIC’s zonder inhoudelijke wijzigingen. Voor het eerst worden zeil- en schermvliegtuigen vermeld. Publicatie van de ‘Regeling navigatie en telecommunicatie-installaties’ op 13-6-2001 verplicht de transponder per 1-1-2003.

De Gooische en de Amsterdamse Zweefvliegclub,die zelfstandig de strijd voerden gaan samen met de KNVvL verder. Er wordt op 10-7-‘01 bezwaar aangetekend. Op 21-11-’01 wordt een beroepsschrift ingediend tegen het afgewezen bezwaar. De regeling blijkt niet ontvankelijk voor beroep en bezwaar.

Inmiddels wordt het overleg voortgezet binnen het gestarte notaoverleg. AIC-B 11/02 12-07-2002 aangaande generale transponderverplichting per 1-1-2003. Vanaf 2001 is er contact met de Inspecteur Generaal van Verkeer en waterstaat en de Directeur Hoofdinspecteur van de Divisie Luchtvaart, echter zonder resultaat.

Op 15-11-‘02 verzoekt de KNVvL aan de Staatssecretaris om uitstel. Dit wordt verleend tot 1-4-2004. In het najaar van 2003 wordt wederom om uitstel gevraagd omdat er geen vorderingen worden gemaakt. Dit uitstel wordt verleend en bevestigd met een brief aan de 2de Kamer van 19-1-’04. Het uitstel is voor onbepaalde tijd en geclausuleerd met een verzoek aan de LVC om maatregelen voor te stellen die hetzelfde effect beogen. De KNVvL krijgt in 2004 een vertegenwoordiging in de werkgroep Transponder Mandatory Zones (TMZ). Eind 2005 neemt de KNVvL deel aan de werkgroep Harmonisatie Luchtruimclassificatie (wg HLC). Met deze deelname wordt het belang van de recreatieve luchtvaart direct meegewogen in de adviezen aan de minister aangaande de vliegveiligheid en de te nemen maatregelen.

Roadmap
De commissie CLR van de afdeling zweefvliegen heeft als belangrijkste adviseur op het gebied van luchtruim naar wegen gezocht om de dreigende invoering van de transponder in goede banen te leiden. Hiertoe heeft zij een introductie programma ontworpen waarbij alle aspecten van de invoering nauwgezet zouden moeten worden getoets om een succesvolle invoering te garanderen. Deze Roadmap is op 14 april 2005 aan DGTL aangeboden. Bij vele gelegenheden, in overleg en ook schriftelijk, is aangedrongen op een reactie. Begin 2006 bleek bij navraag dat e.e.a. in de vergetelheid was geraakt maar dat de LVC zich er over zou buigen. In mei is toegezegd dat er spoedig een reactie van DGTL tegemoet kon worden gezien. In overleg is vernomen dat de Inspectie V&W kennis heeft genomen van de Roadmap maar deze beschouwt als een KNVvL stuk en er niets mee doet. In september, oktober en november is het onderwerp in verschillende overlegsituaties aan de orde geweest. Vanwege uitblijvende reacties en druk vanuit de afdelingen is overleg aangevraagd bij de directeur luchtvaart, hetgeen op 18 januari heeft plaats gevonden.

Overleg met de directie DGTL
Ondanks grote agendaproblemen wegens zijn aankomende vertrek heeft de directie ruimte gevonden om dit knellende probleem te bespreken. In een constructieve sfeer is de materie besproken, waarbij verontschuldigingen werden aangeboden voor het uitblijven van een reactie.

De Roadmap is door DGTL ontvangen als een gedegen methode om de introductie van de transponder op al zijn aspecten adequaat te toetsen. DGTL zal het proces ondersteunen om het een succes te maken. Op dit moment is er nog geen aanleiding om de datum van 31 maart 2008 te wijzigen. Per brief zal het besluit van de directie aan de KNVvL worden meegedeeld.

Resultaat
Daags na het overleg is de bevestiging ontvangen, welke inhoudelijk is samen te vatten als: